Slachtoffers ervaren gevolgen geweld dat zij als kind in de jeugdzorg hebben meegemaakt tot op hoge leeftijd

Slachtoffers ervaren gevolgen geweld dat zij als kind in de jeugdzorg hebben meegemaakt tot op hoge leeftijd

De Commissie Onderzoek naar Geweld in de Jeugdzorg heeft tot nu toe bijna 600 meldingen ontvangen van psychisch, fysiek en/of seksueel geweld in de jeugdzorg. Het grootste deel van meldingen is gedaan door slachtoffers zelf, maar de Commissie heeft ook veel meldingen ontvangen van bijvoorbeeld ouders, kinderen of partners van slachtoffers. Het merendeel van de meldingen heeft betrekking op de jaren ‘60, gevolgd door de jaren ‘70. De meeste meldingen komen uit de residentiële jeugdzorg en uit de pleegzorg.

Meldingen tot nu toe

Het meldpunt is ook veel benaderd door mensen die met geweld te maken hebben gehad in Justitiële Jeugdinrichtingen en de jeugd-GGZ en Kinder- en Jeugdpsychiatrie; en enige tientallen mensen hebben aangegeven slachtoffer van geweld of misbruik te zijn geweest in een instelling voor kinderen met een visuele handicap.

Bij de andere sectoren blijven aantallen meldingen van slachtoffers opvallend achter, zoals instellingen voor kinderen met een auditieve handicap en instellingen voor minderjarigen met een licht verstandelijke beperking. Van alleenstaande minderjarige vreemdelingen (AMV’ers) is tot op heden geen enkele melding ontvangen. De Commissie hoopt de komende tijd alsnog ervaringsverhalen van ex-bewoners uit deze instellingen te ontvangen.

Ook zijn meldingen ontvangen over de periode voor 1945. De Commissie heeft de oudste melders een stem gegeven door hun verhalen te verzamelen in een bundel interviews. Het gaat om ontroerende en hartverscheurende verhalen; zelfs tot op hele hoge leeftijd ervaren de slachtoffers van destijds de gevolgen van het geweld dat zij als kind in tehuizen en pleeggezinnen hebben meegemaakt. De bundel wordt eind november gepubliceerd.

Opvallende punten

Andere opvallende zaken tot nu toe:

  • Veel kinderen hebben op meerdere adressen geweld meegemaakt (bijvoorbeeld in meerdere pleeggezinnen of instellingen, of in een instelling en een pleeggezin).
  • De helft van de melders heeft ook in hun biologische gezin te maken gehad met geweld en/of verwaarlozing. Meestal was dat de reden van hun uithuisplaatsing. Bij een kleinere groep geldt dat zij vanwege een auditieve, visuele of verstandelijke beperking of een psychische aandoening in een instelling zijn geplaatst. Maar ook bijvoorbeeld weeskinderen zijn door de rechter in het verleden in een instelling geplaatst.
  • De meeste kinderen hebben meerdere vormen van geweld meegemaakt. Vaak is er sprake van een combinatie van psychisch en fysiek geweld, al dan niet in combinatie met seksueel misbruik.
  • Het geweld in de jeugdzorg duurde lang. Gemiddeld maken kinderen 7,5 jaar lang geweld mee.
  • Meer dan de helft van de slachtoffers heeft het geweld als kind niet gemeld. Die mogelijkheid was er niet, of ze waren te bang om te melden.
  • Het overgrote deel van de melders geeft aan dat ze psychische gevolgen hebben ondervonden van wat ze als kind hebben meegemaakt. Daarnaast ervaart een groot deel van de melders problemen op het gebied van werk of opleiding, problemen in de relationele sfeer (met partner en/of kinderen) en problemen met sociale contacten. Ook heeft een groot deel lichamelijke problemen overgehouden als gevolg van het geweld of misbruik. Er is echter ook een deel dat aangeeft geen nadelige gevolgen van het misbruik of geweld te hebben ondervonden

De Commissie Onderzoek naar Geweld in de Jeugdzorg

De Commissie doet wetenschappelijk onderzoek naar fysiek, psychisch en seksueel geweld jegens minderjarigen die in de periode 1945 – heden onder verantwoordelijkheid van de overheid zijn geplaatst in een pleeggezin en/of jeugdzorginstelling (waaronder ook jeugd-GGZ-instellingen en justitiële jeugdinrichtingen vallen). Ook mensen die als kind in een internaat voor dove/slechthorende of blinde/slechtziende kinderen zijn geplaatst en daar geweld hebben meegemaakt, vallen binnen het onderzoeksdomein. Dit geldt ook voor alleenstaande minderjarige vreemdelingen (AMV) die in een instelling geweld hebben meegemaakt.

Mensen die de Commissie willen bereiken kunnen contact opnemen met het telefonisch meldpunt van de Commissie: 088-371 7500, bereikbaar van maandag t/m donderdag van 09.30-12.30 uur. Ook is de Commissie te bereiken via info@Commissiegeweldjeugdzorg.nl.